Lepelaars, aanwinst voor Polderpark Cronesteyn

april/mei 2022

Andrien van Roon, Vogelwerkgroep Cronesteyn

Ze zijn weer terug, ónze lepelaars! In februari zagen we de eerste vogels weer in de sloten foerageren en in maart kon je ze bezig zien met het opknappen van de nesten. We mogen inmiddels echt wel spreken van ‘onze’, want sinds de start met één broedpaar in 2012 groeit de kolonie gestaag. In 2021 telde de Vogelwerkgroep Cronesteyn minstens 11 nesten. De tellingen voor de lepelaars beginnen pas in mei, dus over dit jaar kunnen we nog niets zeggen. Behalve dat op 24 april het eerste kuiken is gespot.

De meeste Nederlandse lepelaars overwinteren in de Banc d’Arguin in Senegal, samen met 2,5 miljoen steltlopers. Vanaf februari/maart keren ze terug, met enkele tussenstops. Een enorme vliegprestatie! En hoe bijzonder en mooi is het dan dat ze elk jaar park Cronesteyn weer terug weten te vinden en dat kleine stukje broedbomen op het eilandje.

Lepelaar op nest in de boom, foto: Reinier de Man
Lepelaar op nest in de boom, foto: Reinier de Man


Sowieso is het heel bijzonder dat ze Cronesteyn als broedgebied hebben uitgekozen. Sinds eind jaren zeventig neemt het aantal broedparen in Nederland spectaculair toe. De vogels, die oorspronkelijk veel op de grond broedden maar veel last hadden van predatie door de vos, vonden veiliger broedplekken op de Waddeneilanden en in het Deltagebied. Plekken waar de vos niet bij kon. Maar ze vonden ook andere, kleinere gebieden, op eilandjes in natuurgebieden; en ze gingen nesten hoog in de bomen maken. Wat een aanpassingsvermogen!


Lepelaars voelen zich thuis in gemengde kolonies met bijvoorbeeld blauwe reigers en ganzen. In Cronesteyn hebben ze dus direct fijne buren gevonden! De eerste paar jaar zaten de lepelaars in het Reigersbos, daarna zijn ze met veel reigers mee naar het Landgoedbos verhuisd.


Lepelaars hebben per jaar één legsel van 3–4 eieren, die zo’n 25 dagen worden bebroed. De eieren komen tegelijk uit en de jongen zijn na zo’n 7 weken vliegvlug. Hoe veel jongen er groot worden is erg verschillend. Vaak maar één per nest, maar soms toch meer.


De prachtige foto’s bij dit artikeltje zijn van ‘onze eigen’ lepelaars, maar ik vond ook een hele leuke blog over de ontwikkeling van lepelaarsjongen elders: https://dommelvos.blogspot.com/2016/05/kleintjes-worden-groot.html

Lepelaar benadert nest, lijkt op acrobaat. foto Reinier de Man
Lepelaar, foto Reinier de Man

Update 17 mei: het lijkt erop dat de kolonie weer gegroeid is en dat we dit jaar 16 nesten mogen noteren, maar dat weten we pas zeker na de tweede telling. De jongen groeien intussen goed en bedelen luidruchtig om eten in hun prachtige oranje snaveltjes.